wolken nemen
een vlugge hap ijskoud ijs
schiet snel naar het hoofd
Krokodillen
steken neus en
rug door het ijs
van de sloot heen
Ogen gluren
over het dek
van bevroren
slootwater heen
Verderop kraakt
het ijs want de
krokodil komt
los uit zijn vast
Dan zie ik hoe
de boomstam traag
ontdooit en hij
zeker verdwijnt
De droge sneeuw
is glad vandaag
voetje voetje
schuifelen scheef
Voor mij hinkelt
de winter een
paadje van ijs
en glibber ik
De grond kraakt soms
hardgeworden
ijs wijst schotsen
ribbels omhoog
Ik voel mij een
ijsbreker mijn
eigen voeten
klieven zelf weg