de wolken krullen
apenstaarten in het grijs
hemelbestormers
Overal zie
ik ze kijken
de apies van
de apenheul
Ze kruipen in
je nek hangen
voor je voeten
schreeuwen naar je
In de rij voor
koffie dringen
ze voor je met
luid borstgeklop
Daar klimmen de
grote apen
op de rots en
kijken apies